Zoals vele schaatsers heb ook ik wel iets met wielrennen. Zowel actief als passief. Zo’n tien jaar geleden was dat behoorlijk anders, maar de laatste jaren heb ik de fiets ontdekt als een ideaal trainingsmiddel. In mijn eerste jaren op de skeelers was de fiets zelfs uit den boze. De fiets was voor mij als skeeleraar net zo verboden als vloeken in de kerk. Wielrennen kwam alleen ter sprake als het op tv was. Vanuit de luie stoel kijken naar de bekende voorjaarsklassiekers en natuurlijk de Tour de France.
Mijn Belgische skeelertrainer vond dat een skeeleraar moest skeeleren. De fiets kwam af en toe uit de schuur voor een herstelritje. Volkomen normaal voor skeelerbegrippen. Na een minder goede wedstrijd werd ik er zelfs eens van beschuldigd stiekem te veel op de fiets te hebben getraind. In het internationale skeelerwereldje was het zo dat slechts de Nederlanders met hun schaatsachtergrond regelmatig op een fiets zaten. Alhoewel de Franse collega’s al wel een uitzondering hadden. Met grote verwondering, maar toch ook wel trots, wisten zij te vertellen dat men in Frankrijk een bijzondere skeeleraar had. Deze jongen ging soms gewoon enkele uren achter elkaar trainen op de fiets of skeelers! Het zal u niet verbazen dat deze bewuste persoon in Nederland inmiddels bekend is onder de naam Tristan Loy.
In de winter zijn fietstrainingen toch wel onmisbaar. Het is een goede afwisseling van het statische schaatsen. Op de fiets kan je aan de souplesse werken, de basisconditie onderhouden en nog wel meer trainingsvormen uitvoeren. Er komt eigenlijk weinig techniek bij kijken. Voldoende tijd om van een mooie omgeving te genieten. Het hoofd leeg en heerlijk wat weg dromen.
Maar de winter brengt ook nadelen met zich mee. Stoempen tegen de wind, het is een onderlinge machtsstrijd. Met een beetje goede benen helpt het om je boos te maken op de wind en kun je laten zien dat je sterker bent.
De regen en eventuele zout op de wegen zijn van een andere orde. Na een training herken je je eigen fiets bijna niet meer. Het is belangrijk om je materiaal in orde te hebben en er een beetje zuinig op te zijn. Dat houdt dus in dat er na elke training gepoetst moet worden! Helaas is de kans op lek rijden ook groter in deze natte en vieze omstandigheden, dus dat gepruts met die bandjes moet je ook voor lief nemen.
Waarschijnlijk zullen de meeste schaatsers in het peloton meer uren doorbrengen op de fiets dan op de schaats. Zeker de natuurijsmannen en vrouwen. Die zullen op dit moment volop in voorbereiding zijn. En dat terwijl natuurijs toch ook meer eisen stelt aan de schaatser. Een puike conditie zal zeker helpen, maar het gevoel van het rijden op natuurijs is er dan nog niet. Misschien is schaatsen wel een van de weinige sporten waarin andere sporten de overhand hebben als trainingsmiddel. Terwijl rechtuit schaatsen en scheuren ontwijken alleen maar kan op natuurijs.
Vanuit mijn skeeleropvoeding begrijp ik dan wel de keuze van enkele schaatsers die al vroegtijdig een trainingskamp op natuurijs beleggen. Of wellicht zal Flevonice een ideaal trainingsoord worden. Menig schaatser kijkt toch met grote nieuwsgierigheid uit naar de opening van dit unieke project. Kan je zelfs de diverse trainingen combineren. Op de fiets naar Biddinghuizen!