Zondag wordt het EK voor senioren officieel geopend. Maandag beginnen de wedstrijden. Welke rijders zijn favoriet voor de titels?
De medaillespiegel van vorig jaar zegt genoeg. Italië is hét skeelerland van Europa. In Portugal behaalden de Azzuri 16 gouden medailles, 12 zilveren en 6 bronzen. Frankrijk wist op de tweede plaats te eindigen met vijf gouden, vier zilveren en vijf gouden medailles. Nederland eindigde op een verdienstelijke vierde plaats in dit klassement met één gouden medaille, twee zilveren en drie bronzen.
De sprintonderdelen bij de dames werden vorig jaar gedomineerd door Italië. Op de 200 meter stonden zelfs drie Italiaanse rijders op het podium. Met name Nicoletta Falcone was nauwelijks te kloppen. Samen met Erika Zanetti vormt zij een moeilijk te kloppen duo en deze dames zijn dan ook dit jaar weer favoriet voor de sprintnummers. Éénmaal werden de Italiaanse echter geklopt. Op de langste sprintafstand, de duizend meter, wist Elma de Vries het goud binnen te halen. De Vries en Biance Roosenboom zijn bij Nederland de troeven op de sprint. Elma de Vries zal het voornamelijk moeten hebben van de 500 en 1000 meter. Roosenboom kan ook goed uit de voeten op de 200 en 300 meter. Thuisland Duitsland heeft met Sabine Berg en Jana Gegner twee kanshebsters voor het podium.
De vier lange afstanden van het vrouwentoernooi vorig jaar, werden ook een prooi voor het sterke blok van Italië. Simona di Eugenio en Laura Lardani verdeelden de medailles. Nadine Gloor en Laetitia Le Bihan wisten nog het dichts in de buurt van goud te komen met enkele tweede plaatsen. Toch is Italië, dat nagenoeg met het zelfde team start, ook dit jaar weer favoriet. Wellicht kan ook hier Duitsland in eigen land iets forceren met Jana Gegner en Sabine Berg. Voor Nederland lijkt alleen Elma de Vries kans te hebben op een medaille.
Ook de marathon werd vorig jaar bij de dames gewonnen door Italië. Giovanna Turchiarelli won, voor Gegner en Goovaerts. Elma de Vries werd toen knap vierde.
Vorig jaar won Italië alle spintnummers bij de heren. Luca Presti, Andrea Zanetti en Claudio Naselli bleken onverslaanbaar. Luca Presti is er dit jaar echter niet bij door een blessure en ook Naselli heeft dit jaar al te maken gehad met blessureleed. Toch zal dit het niveau van Italië zeker niet omlaag brengen. Gregorio Duggento, die vorig jaar het EK liet schieten, is dit jaar weer van de partij. De meervoudig wereldkampioen zal er op gebrand zijn een titel mee naar huis te nemen. Wouter Hebbrecht, Jullien Despaux, Thomas Boucher en Matthias Schwierz lijken de belangrijkste uitdagers van de Italianen. Hebbrecht en Boucher werden al eens wereldkampioen en ook Despaux stond al meerdere malen op het sprintpodium tijdens grote toernooien. Ronald en Michel Mulder zijn de troeven voor Nederland. Michel werd vorig jaar al derde op de 500 meter en wil dit jaar weer een stapje hoger. Sjoerd Huisman zal waarschijnlijk ook de lange sprintafstanden voor zijn rekening nemen.
Yann Guyader is de man van de lange adem bij de heren. Guyader won vorig jaar drie van de vier lange afstanden. Op de vierde afstand startte hij niet en won de Spanjaard Patxi Peula. De categorie lange afstanden bij de heren is misschien wel het sterkst bezette onderdeel dit jaar. Naast Guyader kunnen de Fransen ook weer beschikken over Alexis Contin. Contin koos de afgelopen twee jaar voor langebaanschaatsen, maar is dit jaar terug en heeft zijn oude niveau weer terug. Ook Italië stuurt een enorm sterk team. Fabio Francolini, Francesco Zangarini en Luca Saggiorato zijn drie wereldkampioenen bij elkaar.
Voor Nederland zullen Hekman, Berga, Huisman en Arriëns uitkomen op de lange afstanden. Favoriet zijn ze zeker niet, maar wie weet kan er geprofiteerd worden van de rivaliteit tussen de Italianen en de Fransen.
De marathon bij de heren werd vorig jaar een prooi voor veteraan Lerga Garikoitz. De Spanjaard versloeg in een chaotische finale Roy Boeve. Boeve zal ook dit jaar deelnemen aan de marathon. Samen met Karlo Timmerman is hij specieaal toegevoegd voor dit onderdeel.